Werkvereniging man

Van een leven lang leuteren naar een leven lang leren

Roos Wouters Magazine, Nieuws 1 Comment

Stimuleer werkenden in de steeds complexer wordende samenleving

Kenmerkend voor een samenleving in transformatie is de strijd om het behoud van macht.  De oude ‘corporale’ organisaties ontnemen nieuwe partijen en initiatieven vaak de ruimte om maatschappelijk uitdagingen effectief aan te gaan. Werkvereniging deelnemer Marcel van Marrewijk is bestuurder van SDO Hogeschool voor Moderne Bedrijfskunde en ziet dat de klassieke instellingen ambities met de mond belijden, maar nauwelijks iets teweegbrengen. Zelf zit hij ingeklemd tussen private (extreem op winst georiënteerde private hogescholen) en publieke (zwaar gesubsidieerde) onderwijsinstellingen die beide nauwelijks oog hebben voor de kwaliteit van het onderwijs, als ze maar door de procedurele accreditatie ronden heen komen. Hij worstelt tussen co-creatie en disruptie. Samenwerken lukt niet….wat nu?

Een verandering van samenleving, een beweging naar een nieuw ontwikkelniveau met nieuwe instituties, organisatievormen en werkwijzen, met betere oplossingen voor nieuwe uitdagingen, zoals de verwarming van ons klimaat, de vervuiling van onze aarde, de verwoesting van biodiversiteit, de exploitatie van fossiele grondstoffen en sociale vervreemding, vraagt veel van ons mensen. Op allerlei plaatsen moeten we experimenteren, leren en ontwikkelen. De oude kennis en ervaringen zijn veel minder relevant geworden en dat betekent dat heel veel mensen moeten worden gefaciliteerd in dit leer- en veranderproces. Dit betekent ook dat je mensen opnieuw in een leer- en ontwikkelmodes moet brengen! Je zou zeggen dat we dit van kinds af aan doen we, maar naarmate we ouder worden leren we dit af. Leren wordt namelijk aan alle kanten ontmoedigd, doordat ons onderwijs niet op creatie en ontplooiing gericht is, maar op maar reproductie van oude kennis. Huisartsen tellen steeds meer kinderen met burn-out verschijnselen, vooral kinderen die intelligent en gevoelig zijn.


Het onderwijssysteem is niet de enige schuldige. Veel werkgevers zien het ondersteunen van ontwikkeling niet als een investering, maar als een kostenpost, zeker als leerverplichtingen in CAO’s zijn opgenomen. Toen het leren door middel van de WVA-regeling financieel werd ondersteund telde SDO Hogeschool 20.000 ingeschreven HBO-studenten (en 20.000 MBO studenten), maar na het terecht afschaffen – er werd veel misbruik van gemaakt – kelderde dat aantal, omdat leren blijkbaar heel prijs-elastisch is. Raar, temeer daar onze eerstejaarsstudenten door het toepassen van effectieve methoden hun werkgevers tot wel 100.000 euro opleverden.

Vroeger leerde je een vak en daar kon je je hele carrière mee doen. In de huidige exponentieel veranderende wereld, veroudert kennis snel en is voortdurend bijspijkeren geboden. Bovendien hebben verschillende ‘Outlooks’ gewezen op de aanstaand impact van robotisering en machine learning die met de huidige technologie reeds 50% van de banen wereldwijd kan doen verdwijnen.
Tijdens een recente bijeenkomst van corporate huisacademies stond dit thema niet op de agenda. Wel veel aandacht voor learning managementsystemen en klagen over budgetkortingen. Voor hen staat ‘schooltje spelen’ blijkbaar hoger op de ranglijst dan de dialoog met hun directies over hoe zij de ambities van de organisaties effectief kunnen ondersteunen. Dan ben je met leren en ontwikkelen bezig, in plaats van zo goedkoop mogelijk cursussen inkopen.

De minister van Onderwijs wil wat met flexibilisering. Goed idee!
Maar nu blijkt dat de bekostigde HBO-instellingen flexibiliteit niet nodig hebben om de kwaliteit van de voltijdsopleidingen te verbeteren, maar om te kunnen blijven groeien in omzet en aantallen. Het aantal jongeren neemt al decennia af en de HBO-instellingen hebben met succes allerlei groeistrategieën toegepast. Eerst hebben zij door fusies de universiteiten qua omvang overtroffen. Vervolgens bepleitten zij de ambitie om 40% van de Nederlandse bevolking hoog op te leiden. Uit de psychologie is bekend dat intelligentie nauwelijks kan worden verhoogd door opleiding. Met een gemiddeld IQ van 100 (zijnde ongeveer MAVO 3 niveau) en een standaardafwijking van 15 in een normale verdeling, is het niet zo moeilijk te bedenken, dat met een dergelijke doelstelling de kwaliteit van het hoger onderwijs wordt ondermijnd. Zo werden opleidingsprogramma’s verkort en versimpeld en nog krijgen te veel studenten genade-zesjes om de eindstreep te behalen, waarmee de instellingen de bekostiging veiligstelden. Het was wachten op misstanden en diploma-inflatie, en niet alleen bij In Holland. De volgende groeistrategie was de inzet op internationalisering en met succes hebben zij veel buitenlandse studenten aangetrokken, met name in de grensstreken.

Opnieuw dreigt krimp en in plaats dat bestuurders de ‘tering naar de nering zetten’ lobbyen zij voor een verruiming van nieuwe marktmogelijkheden. Zij willen met behoud van bekostiging deeltijd en duale studenten – kortom, volwassenenonderwijs – faciliteren en daarmee de markt van 5.500 cursus-aanbieders en private HBO’s aanvallen. Deze organisaties hebben al veel stress van de corona-crisis en nu komt dit er nog eens overeen. Bovendien is het principe van ‘gelijk speelveld’, een randvoorwaarde voor effectieve marktwerking, volledig van de baan.

Nu al snoept Avans opdrachten weg bij corporates en biedt Saxion leiderschapscursussen aan van tien bijeenkomsten voor slechts 495 euro. En de overheid maar betalen, van ons belastinggeld. Stel dat het HBO’s lukt om ook het volwassenenonderwijs naar zich toe te trekken dan doemen nu al de tekorten bij de overheid op. Terwijl we ook al het corona-gat moeten dempen.

Een betere oplossing
Veel slimmer is het om de bekostiging van onderwijs exclusief te relateren aan voltijd-opleidingen en het volwassenenonderwijs aan de markt te laten. Marktpartijen zijn veel beter in staat om vraaggericht te werken en bieden nu al veel flexibiliteit. Er is ook veel diversiteit, zowel in kwaliteit, aanbod als in prijs. Dit vraagt wel om goede inkopers aan de vraagkant, die het kaf van koren kunnen onderscheiden.

Om het leren te stimuleren behoort de overheid de burger te faciliteren en dus niet het bedrijfsleven (WVA-misbruik) of de bekostigde HBO-instellingen te subsidiëren. Dit biedt allerlei interessante voordelen. Werknemers hebben met een eigen opleidingsbudget en extra investeringsmogelijkheden meer regie over hun eigen ontwikkeling en indirect meer invloed op het kennisbeleid van werkgevers. Het niet benutten van dat potje ondermijnt hun eigen inzetbaarheid, maar door het wel effectief in te zetten en goede afspraken te maken met de werkgever ondervinden beide een positief effect. Dit zou tevens een mooie besteding zijn voor Wiepkes ‘Investeringspot voor de Toekomst’.
Zo kun je tevens werklozen stimuleren met een extra budget en lokale voorzieningen, om nieuwe competenties zich eigen te maken en zich voor te bereiden op ander werk en een nieuwe baan. Fulltime, en zonder domme sollicitatieplicht. Dit idee sluit aan op de Flexicurity die in Denemarken gangbaar is: een goede support, toekomstgericht en slechts een geringe daling van inkomen.

SDO wil bijdragen aan een netwerk van lokale leer- en ontwikkelcentra, door samen te werken met gemeenten en werkgevers. Wij bieden een online, eigentijds en geaccrediteerde kennisplein aan en onderwijssupport die gegarandeerd toegevoegde waarde biedt in de praktijk. Daarmee kunnen lokale organisatoren kleinschalige, mensgerichte opleidingsplaatsen aanbieden die optimaal inspelen op de behoeften.  SDO biedt vooralsnog alleen bedrijfskunde aan; andere aanbieders van onderwijs kunnen andere thema’s en niveaus ondersteunen. Wij zijn ervan overtuigd dat dit een veel betere en goedkopere oplossing is voor de huidige vraagstukken en het de transformatie ondersteunt naar een nieuwe samenleving.

Advies voor de Werkvereniging
Naar onzer mening hebben alle werkenden baat bij een dergelijke ontwikkeling. Het vergt wel een constructieve doorbraak in bestaande instituties, bij  gemeenten, UWV, O&O-fondsen en bedrijven. Door de belangen en capaciteiten van de triple helix – werkenden, bedrijven en kennisinstituten – te verbinden in lokale leerhuizen, kunnen individuen begeleid worden naar passende posities en de daarvoor benodigde kennis en ervaringsniveau’s. Voor studenten, werkzoekenden en mensen die parallel aan hun werkend bestaan zich blijvend willen scholen, zouden deze lokale leerhuizen een uitkomst zijn. Zeker als zij zelfs grotendeels de financiering aandragen en daarmee een belangrijke controle op de kwaliteit kunnen uitoefenen. Een netwerk van experts is met een klik binnen handbereik. Deze werkwijze zijn we in korte tijd gewoon geraakt. Dat is dan weer een voordeel van de corona… 

Auteur: Marcel van Marrewijk

Bronnen: Eerdere blogs van Marcel van Marrewijk

  1. Van baan- naar werkzekerheid – Flexicurity
  2. Doorbraak van eigentijdse bedrijfskunde
  3.  School for Organizing

Dynamiseren van de economie juist door het basisinkomen

Comments 1

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *